Beleidsgestuurde substitutie
Of een consument bereid is om in het substituut te investeren hangt af van een aantal factoren. Zo kunnen hoge kosten, complexiteit van het product en de mate waarin advies of expertise van derden ingewonnen moet worden een keuze voor het substituut beïnvloeden. De mate van toegevoegde waarde, het consumentenvertrouwen in het product en financiële stimulansen kunnen de overstap juist stimuleren. Doordat bij beleidsgestuurde substitutie het behoud van de bestaande technologie geen optie is, hebben verdedigingsmechanismen weinig zin. Om de juiste investeringskeuzes te kunnen maken en tijdig hun productportfolio te kunnen bijsturen zullen bedrijven goed op de hoogte gehouden moeten worden van het substitutiepad dat vanuit het beleid wordt uitgezet.
Introductie van een theoretisch model
Om tot een theoretisch aftoetsingsmodel te komen voor beleidsgestuurde substitutie is een combinatie gemaakt van elementen uit de substitutietheorie, het klimaatbeleid en de bedrijfskunde. Het klimaatbeleid stuurt het substitutiepad op een aantal manieren. Het beïnvloedt de capaciteit voor investeringen via financiële en fiscale stimulansen. Het stuurt het beschikbare productaanbod bij via productregelgeving. Ook is de mate waarin de klimaattechnologie kan en mag worden toegepast afhankelijk van basiscondities die via het beleid worden vastgelegd. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het voorzien van de aanwezige energieinfrastructuur, het vastleggen van klimaatstandaarden en de opzet van adviesinfrastructuren rond klimaattechnologie. Op basis hiervan maakte Charlotte van de Water, klimaatbeleidsexperte bij Agoria, in samenwerking met de leden van Agoria het volgende theoretische model op om de mate van een succesvolle beleidsgestuurde substitutie te kunnen aftoetsen:
Toelichting op de succes- en impactfactoren
Het theoretisch model gaat uit van de volgende interpretaties voor de succes- en impactfactoren:
Succesfactor 1: Investeringscapaciteit
De investeringscapaciteit van de consument wordt bepaald door de hoogte van de kosten, de waardering van de technologie en de beschikbare mogelijkheden voor de financiering van de technologie.
Bijbehorende impactfactoren
· Waardering = de toegevoegde (markt)waarde van de technologie of het product voor de consument
· Kosten = De investerings-, operationele en overstapskosten die een consument moet maken om de klimaattechnologie aan te schaffen
· Financieringsmogelijkheden = de financiële en fiscale producten die de consument ter beschikking heeft om aan de kosten van de klimaattechnologie tegemoet te komen
Succesfactor 2: Het beschikbare productaanbod
De variëteit van het productaanbod is afhankelijk van de productiviteit, de toeleveringszekerheid en de innovatiebereidheid van de waardeketen via welke de technologie van het maakbedrijf bij de consument komt.
Bijbehorende impactfactoren
· Productiviteit = De toegevoegde waarde die de spelers in de waardeketen kunnen realiseren om aan de noden van de klimaattransitie tegemoet te komen
· Toeleveringzekerheid = De mate waarin de onderdelen, producten en technologieën binnen een benodigde termijn kunnen worden geleverd doorheen de waardeketen
· Innovatiebereidheid = De mate waarin de spelers in de waardeketen bereid zijn om op de klimaattechnologie over te stappen in hun dienstverlening en/ of productie
Succesfactor 3: De aanwezige basiscondities
Welke klimaattechnologie kan worden toegepast is afhankelijk van de beleidskeuzes op het vlak van het ter beschikking stellen van energieinfrastructuur, de toegankelijkheid tot professioneel advies en de toelaatbaarheid vanuit de klimaatstandaarden.
Bijbehorende impactfactoren
· Energieinfrastructuur = De aanwezige vormen van hernieuwbare energie die bepalen welke technologie kan worden toegepast in functie van het hernieuwbaar energiebeleid
· Kennis- en advies = de mate waarin de benodigde kennis- en advisering om de juiste technologiekeuze te kunnen maken toegankelijk is voor een consument
· Klimaatstandaarden = De definities en bijbehorende rekenmethodieken die bepalen welke technologie mag worden toegepast om als klimaatneutraal aangemerkt te worden
Documenten
C. van de Water (2024), De haalbaarheid van de klimaattransitie ligt in onze handen. Impactfactoren voor de economische valorisatie van klimaatbeleid. Agoria: Brussels.