Een branddetectieinstallatie is een alarmsysteem, ontworpen een brand in een zo vroeg
mogelijk stadium te detecteren, zodat de nodige maatregelen kunnen worden genomen. Hierbij kan een
ontruimingsalarm geactiveerd worden om mensen te evacueren, kunnen deuren automatisch geopend worden of kan
een blussysteem geactiveerd worden. Een branddetectieinstallatie bestaat uit een centrale in combinatie met
rookmelders en eventueel ook met handbrandmelders, signaalgevers, nevenindicatoren, en/of rookaanzuig- of
beamdetectie. Deze componenten registreren informatie die zij in sommige situaties signaleren aan een
externe meldkamer of de brandweer.
De functies van branddetectieinstallaties zijn:
- Het melden van brand door middel van een handbrandmelder
- Het detecteren van brand met behulp van
rookdetectie
- Het aangeven van de plaats van de melding (detectiezone)
- Het doormelden van brand en storing
- Het geven van stuursignalen
- Het bedienen van het branddetectiesysteem
- Het bewaken van het systeem en het melden van storingen
- Het vastleggen van alle gebeurtenissen in een geheugen
In België moeten branddetectiecentrales voldoen aan de Europese productnorm EN 54 om aan de gestelde
eisen te voldoen.
Automatische brandmelders
Automatische brandmelders, ook wel rookmelder genoemd, zijn er in verschillende uitvoeringen. De meest
voorkomende melders zijn:
Optische rookmelder
De bekendste rookmelder is de optische rookmelder. Deze rookmelder werkt op basis van lichtverstrooiing. In
deze rookmelders bevindt zich een lichtgevoelige die een infrarode lichtbundel opvangt. Als de lichtbundel
wordt verstoord, gaat de melder in alarm.
Optical detector.jpg
Thermische rookmelder
Een thermische melder, ook wel hittemelder genoemd, geeft een signaal af bij een snel stijgende temperatuur
of een hoge temperatuur. Dit is een minder gebruikte melder, omdat een smeulende brand al veel gevaarlijke
rook kan creëren zonder dat de temperatuur stijgt.
Multi-sensor melder
De multi-sensor melder maakt gebruik van zowel optische als temperatuursensoren. Door het combineren van de
twee meetprincipes, kunnen branden van uiteenlopende aard vroegtijdig worden gedetecteerd of ongewenste of
valse alarmen tijdelijk juist worden onderdrukt.
Lineaire optische rookmelder
De lineaire rookmelder (beam) is een optische rookmelder. Deze bestaat uit een zender en een ontvanger die
afzonderlijk of gezamenlijk (in combinatie met een reflector) worden gemonteerd. De melder reageert op
rookdeeltjes en op refractie (verbuiging van een lichtstraal door temperatuur).
Fire alarm button.jpg
Vlammenmelder
Vlammenmelders reageren op vlammen. Een vlam staat niet stil, maar beweegt. Een vlammenmelder reageert als
het ware op bewegend licht
Hand(brand)melder
Handbrandmelders zijn naast rookmelders onmisbaar bij een branddetectie installatie. De mens is nog altijd de
beste branddetector met al zijn zintuigen. Het doel van een handmelder is om bij het detecteren van een
brand door het indrukken van het breekglaasje, de branddetectie-installatie te activeren en de aanwezige
personen te waarschuwen. Vervolgens kunnen de noodzakelijke sturingen worden uitgevoerd en kan er eventueel
een doormelding naar de alarmcentrale worden gestuurd. Een brandmelding van een handbrandmelder hoeft niet
altijd de locatie van de brand aan te geven. De
handbrandmelder zal in de alarmtoestand blijven totdat het ruitje is vervangen of totdat het plexiplaatje
gereset wordt.
Er zijn verschillende soorten handmelders:
- Rode handmelders zijn het meest bekend en zorgen voor een brandmelding.
- Gele handmelders activeren een blusinstallatie.
- Blauwe handmelders zetten een blusinstallatie stop.
- Groene handmelders geven een elektrische vergrendeling vrij. Deuren gaan aldus van het slot af zodat er
gebruik gemaakt kan worden van een vluchtroute. Vaak zijn deze systemen ook gekoppeld aan een
beveiligingssysteem om oneigenlijk gebruik tegen te gaan.
Alarminstallatie
Een alarminstallatie (OAI is speciaal ontworpen om een snelle en ordelijke evacuatie mogelijk te maken in
geval van noodsituaties, zoals een brand, gaslek, bomdetectie of verdacht pakketje. In veel gevallen is de
ontruimingsinstallatie gekoppeld aan het branddetectiesysteem. Er kan worden gewerkt met verschillende
soorten ontruimingssignaleringen en alarmeringszones.
Het ontruimingssignaal kan worden ingeschakeld door middel van:
- aanwezige handmelders;
- het ontruimingsbedieningspaneel;
- automatische brandmelders;
- een externe brandmelder.
Het doel van een alarminstallatie is om personen in een gebouw te waarschuwen voor brandmeldingen of
gevaarlijke situaties. Het kan hierbij gaan om personen die voor hun veiligheid het gebouw moeten verlaten
of om personen die moeten zorgen voor de evacuatie van andere (niet zelfredzame) personen. Er zijn
verschillende vormen van evacuatie/ontruiming, namelijk:
Luidalarm
Een luid alarm is het meest voorkomend. Hierbij wordt gebruik gemaakt van sirenes met bijvoorbeeld het
bekende slow-whoop signaal.
Stil alarm
Op plaatsten waar personen aanwezig zijn die niet zelfredzaam zijn of daar waar grote groepen mensen in een
gebouw kunnen verblijven, kan ervoor gekozen worden om een stil alarm te gebruiken. Hiermee wordt de interne
organisatie van het gebouw gealarmeerd die vervolgens de (alarm)ontruimingsprocedure in gang kan zetten. Het
doel hiervan is paniek te voorkomen en zo een gestructureerde en geordende evacuatie/ontruiming te
laten plaatsvinden.
Gesproken woord alarm (voice alarm)
Een voorgeprogrammeerde stem geeft instructies, eventueel in meerdere talen. Deze zinnen worden afgewisseld
met een toonsignaal. Dit wordt gebruikt bij complexe situaties, zoals op een vliegveld, in een groot
winkelcentrum of in andere grote gebouwen waar veel ruimtes en mensen zijn.
Op welke wijze het type ontruimingsalarminstallatie dient te worden toegepast, wordt omschreven in de NBN
S-21-111.
Sirenes en flitslichten
Omdat bij een evacuatie elke seconde telt, kunnen sirenes en flitslichten gebruikt worden om aanwezigen te
waarschuwen voor brand. Er zijn verschillende versies beschikbaar voor zowel binnen als buiten, inclusief
conventionele en adresseerbare types.
Rookaanzuigdetectie
Een rookaanzuigsysteem, ook wel bekend als aspiratiedetectiesysteem, is een hooggevoelige vorm van
branddetectie die in staat is vroegtijdige brand te detecteren. Het systeem neemt monsters van de lucht via
een leidingnetwerk dat meestal aan het plafond is geplaatst. Het doel hiervan is om te testen op de
aanwezigheid van rook, giftige, brandbare en/of zuurstofgasgevaren. De lucht wordt aangezogen via een
ventilator in de detectie-eenheid en vervolgens getest op rookdeeltjes. Hier zijn enkele redenen waarom
aspiratiedetectie wordt toegepast:
- als vroegtijdige alarmering noodzakelijk is;
- bij hoge luchtsnelheden;
- bij extreme omstandigheden (zeer koud/warm);
- als detectie onzichtbaar moet zijn;
- als onderhoud moeilijk is;
- bij hoge ruimtes.
Lineaire glasvezeldetectie
Glasvezeldetectie maakt gebruik van een glasvezeldetector om de temperatuur nauwkeurig te meten. Het signaal
dat door de glasvezel wordt gestuurd, wordt teruggekaatst en is afhankelijk van de temperatuur, wat
resulteert in een precieze temperatuurmeting op elk punt van de detector. De kabels zijn eenvoudig te
installeren en vrijwel onderhoudsvrij. Het is mogelijk om verschillende zones in te delen. Per zone kunnen
vervolgens verschillende alarmcriteria geprogrammeerd worden, zoals min./max. temperatuur, rate of rise
(snelheid van temperatuur stijging), afwijking van gemiddelde, enz. Deze vorm van detectie is uitstekend
geschikt voor gebruik in complexen met:
- vuil, stof of corrosieve omgeving;
- een hoge luchtvochtigheid;
- dynamische temperatuurschommelingen;
- dampen van chemicaliën of radioactieve straling;
- ATEX geclassificeerde gebieden.
Vluchtroute
Een vluchtroute is een veilige route in een gebouw om tijdens een brand een veilige plaats te bereiken. Een
vluchtroute begint in een voor personen bestemde ruimte in het gebouw en loopt naar een veilige plaats,
meestal het aansluitende terrein.
De maximale afstand voor een vluchtroute is afhankelijk van de
grootte en de vorm van het gebouw. Een vluchtroute dient te liggen binnen een brandcompartiment en een rookcompartiment.
Is een branddetectieinstallatie verplicht?
Dit is afhankelijk van de specifieke situatie.