Brandblussers & Haspels

Conforme en betrouwbare noodapparatuur in geval van brand

Wat zijn brandblussers en haspels?

Brandblussers

Doelstelling

Draagbare en mobiele brandblusapparaten zijn eerste interventiemiddelen in geval van brand. Zij worden voorzien om de verspreiding van vuur te beperken door het in de beginfase te bestrijden, en kunnen ook worden gebruikt voor het bestrijden van een brand bij het redden van personen.

Zij zijn ontworpen om te worden gebruikt voor een snelle interventie in geval van een beginnende brand door personen die de brand hebben ontdekt. De opleiding over deze eerste interventiemiddelen, de beschikbare hoeveelheid blusmiddel, het type en het blusvermogen van de brandblusapparaten en de tijdsduur waarin ze worden gebruikt, zijn bepalend voor het resultaat.

Productnormen

Nieuwe draagbare brandblusapparaten moeten voldoen aan de EN 3-normen en voorzien zijn van het Benor-keurmerk, afgeleverd door een bevoegde erkende keuringsinstantie, die garandeert dat de toestellen voldoen aan de eisen van de toepasselijke normen. Ze moeten ook voldoen aan de EN 1866-normen en dienovereenkomstig gecertificeerd zijn door een erkend keuringsorganisme.

Gebruiksvoorwaarden

Het is belangrijk te beseffen dat de resultaten van het gebruik van draagbare en mobiele brandblusapparaten in grote mate afhangt van de aanwezigheid van mensen die weten hoe ze ermee moeten omgaan. het is daarom noodzakelijk dat in bedrijven en instellingen tenminste een dele van het personeel wordt opgeleid rond het gebruik ervan. Raadpleeg ook Boek III Arbeidsplaatsen, Titel 3 Brandpreventie op arbeidsplaatsen en Titel 6 Veiligheids- en gezondheidssignalering in dit verband.

Fireforum heeft in samenwerking met Agoria een document opgesteld over de Regels van Goed Vakmanschap Brandveiligheid (RGV), waarin alle relevante informatie is opgenomen over de keuze en plaatsing van draagbare en mobiele brandblussers. Geen van de bepalingen in deze RGV mag worden beschouwd als een beperking voor de toepassing van nieuwe technieken of alternatieve regelingen, zolang deze met instemming van de bevoegde overheid een gelijkwaardig veiligheidsniveau garanderen.

 

Haspels

Doelstelling

Haspels zijn bedoeld om de verspreiding van vuur te beperken door het in de beginfase te bestrijden, en kunnen ook worden gebruikt voor het bestrijden van een brand bij het redden van personen.

Productnormen

1. Norm NBN EN 671-1:2012 - Vaste brandbestrijdingsinrichtingen - Slangsystemen
Deel 1: Brandslanghaspels met vormvaste slang

Deze Europese norm specificeert eisen en testmethoden voor de constructie en prestaties van brandslanghaspelsystemen met halfharde slang voor installatie in gebouwen, permanent aangesloten op een watervoorziening, met het oog op gebruik door de bewoners. De norm bevat ook eisen voor de conformiteitsbeoordeling en markering van deze producten. De eisen kunnen algemeen gelden voor andere toepassingen, bijvoorbeeld in maritieme toepassingen of in agressieve omgevingen, maar in dergelijke gevallen kunnen aanvullende eisen nodig zijn. Deze Europese norm is van toepassing op zowel handbediende als automatische brandslanghaspels voor installatie met en zonder kasten.

2. Norm NBN EN 671-2:2012 – Vaste brandbestrijdingsinrichtingen - Slangsystemen
Deel 2: Brandslangsystemen met plat-oprolbare slang

Deze Europese norm specificeert eisen en testmethoden voor de constructie en prestaties van brandslanghaspelsystemen met een platliggende slang voor installatie in gebouwen, permanent aangesloten op een watervoorziening, met het oog op gebruik door de bewoners. Verder bevat deze norm eisen voor de conformiteitsbeoordeling en markering van deze producten.

3. Norm NBN EN 671-3:2009 - Vaste brandbestrijdingsinrichtingen - Slangstelsels
Deel 3: Onderhoud van slanghaspels met halfstijve slang en slangstelsels met plat oprolbare slang

Deze Europese norm specificeert eisen voor de inspectie en het onderhoud van slanghaspels en slangsystemen zodat deze de dienst kunnen blijven verlenen waarvoor ze zijn vervaardigd, geleverd of geïnstalleerd, d.w.z. om te garanderen dat een eerste noodingreep kan worden uitgevoerd om een brand te bestrijden voordat krachtiger middelen kunnen worden ingezet. Deze Europese norm is van toepassing op installaties van slanghaspels en slangsystemen in alle soorten gebouwen, ongeacht de aard van het gebruik van de gebouwen.

Gebruiksvoorwaarden

De keuze van het haspelsysteem wordt bepaald volgens het aantal aanwezige gebruikers in het gebouw, de activiteit in het gebouw of compartiment, de interventiemogelijkheden van de brandweer en de verwarming van de ruimten. Deze keuze, geformuleerd door de eisende partijen of de ontwerpverantwoordelijke, moet in het lastenboek met al zijn specificaties worden opgenomen.

De leidingen en haspels worden bij voorkeur geplaatst in ruimten waar geen gevaar voor vorst bestaat. In ruimten waar wel vorstgevaar bestaat, moeten de nodige maatregelen worden getroffen om bevriezing te voorkomen.

De activiteiten worden volgens het brandrisico ingedeeld in 3 types (zie definities 18, 19 en 20 en stap 3 uit bijlage A van het RGV). Er wordt een onderscheid gemaakt tussen activiteiten met laag brandrisico (type L), met matig brandrisico (type M) en met hoog brandrisico (type H).

Je kan kiezen voor een uniforme aanpak van het brandhaspelsysteem voor het hele gebouw of voor een keuze per compartiment. In elk geval is de overheersende activiteit bepalend voor de keuze van het haspelsysteem in elk gebouw of compartiment.

In compartimenten met een overheersende aanwezigheid van brandbare vloeistoffen kan je gebruik maken van slanghaspels uitgerust voor het maken van schuim.

Fireforum heeft in samenwerking met Agoria een document van Regels van Goed Vakmanschap Brandveiligheid Haspels opgemaakt waarin plaatsingsvoorschriften voor slanghaspels met vormvaste slang conform NBN EN 671-1 opgenomen zijn.

 

Wie kan u verder helpen?

 

Technische details

Brandblussers

 

Haspels