Industriële automatisatie: Belgische bedrijven die ervoor gaan!
Daarin zijn mensen cruciaal! Er is meer. Wie innovatief kan handelen heeft een voordeel maar de drempel om dit te realiseren wordt steeds hoger en de evolutie sneller. Dat bedreigt KMO’s. Waarom ze toch in België blijven?
Ontdek de volledige reportage van het rondetafelgesprek in de nieuwste editie van Engineeringnet.
“Klanten beginnen zich te informeren over Industrie 4.0 maar vele projecten blijven hangen op het niveau van Industrie 3.0 toepassingen”, zegt Grégory Reichling, CEO bij Citius Engineering (Herstal) een op engineering services gericht bedrijf dat dicht bij zijn klanten staat. Citius, opgericht in 2009, is gespecialiseerd in de automatisering van industriële installatie en de ontwikkeling van productie-uitrustingen en -installaties. Het heeft geen ‘eigen product’ maar levert veel maatwerk. In consortium met Lasea en Unisensor, heeft Citius onlangs het bedrijf Ciseo opgericht. Ciseo is tevens gespecialiseerd in de ontwikkeling van productie-uitrustingen en -installaties maar specifiek naar de Life Science branche (pharmaceutica, biotech en medtech) en medische installaties voor laboratoria, met name in het domein van in vitro diagnose. Citius telt vandaag 70 medewerkers, 40 daarvan bij Citius zelf en 30 bij Ciseo. Samen maken ze een omzet van 8 miljoen euro waarvan 20% bestemd is voor de export.
Van Hoecke Automation (VHA) uit Gavere is actief in prototyping, maatwerk automatisatieprojecten, visie, robots,… “Engineering van concept en ontwerp tot realisatie. Veel van de onderdelen worden buitenshuis geproduceerd”, zegt oprichter Karel Van Hoecke. 70% van de omzet wordt gerealiseerd in de maakindustrie en 30% in de voeding. Twee derde kwam vorig jaar uit het buitenland. Een decennium geleden haalde hij zijn productie uit Polen terug. “Zonder lokale aanwezigheid functioneert het niet. We zijn en blijven een klein maar innovatief bedrijf in België.” VHA telt nu 25 medewerkers en maakt 4,5 miljoen euro omzet. “We focussen niet zozeer op productontwikkeling maar investeren veel in procesontwikkeling, virtualisering en digitalisering ter ondersteuning van de klant.”
De Roeve Industries uit Lokeren levert totaaloplossingen in automatisatie. De divisies focussen op verschillende aspecten: mechanisch, industrieel, technisch,… “We werken ook mee om de sturingen te ontwikkelen voor bedrijven die zelfrijdende landbouwmachines ontwikkelen”, zegt bedrijfsleider Koen De Roeve. Ook zijn ze gespecialiseerd in industriële software oplossingen om de productie te optimaliseren en productieplanning in kaart te brengen en aan te sturen. Klanten vindt hij vooral in België maar hij volgt ze ook naar het buitenland. Het bedrijf telt hier 84 medewerkers en maakt zo’n 11 miljoen euro omzet.
Contec (Antwerpen) heeft ook vestigingen in Frankrijk, Polen en Roemenië en focust meer op de internationale markt. Het bedrijf telt in België 130 medewerkers en maakt 21 miljoen euro omzet, de volledige groep stelt 180 personen tewerk. “Wij zijn op diensten georiënteerd. Constructie en montage besteden we uit”, zegt Business Area Sales Manager Wim Tindemans. “We houden de kennis in België maar hebben de ambitie internationaal door te groeien. We zijn een coöperatieve vennootschap. Iedere medewerker kan kapitaal in het bedrijf inbrengen. Iedereen is ondernemer, financieel en operationeel geëngageerd.”
Wat vraagt de klant?
Vroeger schreven klanten zeer gedetailleerde lastenboeken. Nu vragen ze oplossingen waarvoor een creatief antwoord wenselijk is. Het is onmogelijk nog ‘alles’ in huis te hebben. Klanten besteden heel wat competenties uit. Bedrijven moeten efficiënter worden. Meer doen met minder mensen, less is more. “Wij adviseren hen hoe dat kan”, zegt Wim Tindemans. “De klant legt ons ‘functionaliteit’ op en verwacht van ons de technologie die dat realiseert.” Zo worden er al veel beschikbare data geregistreerd en geanalyseerd om stelselmatig het product én het proces te verbeteren. “Wij maken machines slim en halen er de informatie uit die de fabriek nodig heeft.”
Aan de toeleverancier om zijn klant mee te trekken. “Velen gebruiken nog steeds Excel-sheets terwijl er ‘slimmere’ planningsmogelijkheden zijn. In het kader van Industrie 4.0 zet het digitaliseren van de productievloer met een “planning en sheduling” software het bedrijf al een heel eind op weg”, geeft Koen De Roeve aan. Wim Tindemans beaamt: “Excel is zo arbeidsintensief dat ‘plannen’ maar één keer per week gebeurt, terwijl het met de jongste software tools ‘live’ kan. Je kan ook vlot simuleren en dat integreren in je ERP en productieapparaat. Dat is een belangrijke winstfactor. Een paperless productie omgeving is zeker de toekomst op de werkvloer met een optimalisatie van de productie en minder fouten als gevolg.”
Van Hoecke Automation ziet meerdere insteken om klanten te helpen kostenefficiënter te produceren. Soms volstaat een upgrade of aanpassing. “Klanten investeren steeds meer in ergonomie om medewerkers aan de slag te houden.” Veel bedrijven hebben een vaste kern van medewerkers en zetten daarrond flexibel mensen in om te groeien en te krimpen op de maat van projecten. “Het gaat er om bij dit snelle schakelen de kennis en opgedane ervaring vast te leggen. Digitaliseren biedt dan een competitief voordeel”, zegt Wim Tindemans.
Bedrijven zoeken sterke competenties -de nieuwe technologie- bij partners/toeleveranciers die ze een bepaald pakket van een project toeschuiven. “Dat is belangrijk want dan krijg je prestaties of uren verloond. Dat is minder risicovol dan werken op ‘forfait’”, zegt Grégory Reichling die rekent nu zo’n 15% van de omzet op die manier te realiseren “maar dat willen we optrekken.” Hij rekent dat 25% van zijn productkost in de aankoop zit. De rest zijn prestaties, we spreken hier ook over servitisatie die aan belang wint.
Meeblijven vergt leren
Up to date blijven, d.m.v. opleidingen, is in al deze bedrijven heel belangrijk. Van Hoecke Automation besteedt er 10% van de gepresteerde uren aan. Vroeger waren opleidingen alleen puur technisch. Vandaag krijgen medewerkers ook ‘zachte eigenschappen’ zoals communicatievaardigheden mee. Ook de sales wordt steeds technischer, dus technici moeten zich inleven in de vraag van de klant. “Een technicus pakt eerder té snel uit met een oplossing en luistert té weinig naar de noden van de klant”, stelt Koen De Roeve. Karel Van Hoecke relativeert: “Hoewel luisteren naar de klant zeer belangrijk is, zal niet iedereen verkoper worden.”
Vandaag is ook alle informatie ‘onder een knop’ beschikbaar. Medewerkers vinden oplossingen ‘on the job’ op sociale media en youtube. “Eigenlijk volgen ze nog weinig formele cursussen. Medewerkers leiden elkaar op in een meer informele cultuur.” Contec stelde ook sociale media open voor medewerkers. De evolutie gebeurt zeer snel, benadrukt Wim Tindemans. “Je bent verplicht aan die snelheid mee te gaan.” Industrie 4.0 vergt medewerkers die 4.0 denken en ademen.
Mensen vinden
Mensen vinden is dé uitdaging. Contec zoekt 5 à 10 nieuwe mensen. De Roeve Industries heeft 11 openstaande vacatures op 84 werknemers. Hij roept de sector op om de krachten te bundelen tegen praktijken van headhunters en wervingsbureaus die zich duur laten betalen maar geen toegevoegde waarde bieden. “Studenten laten zich gijzelen door rekruteringsbureaus”, stelt ook Karel Van Hoecke, “en scholen geven je de lijst met studenten niet.” De argeloze student schrijft er zich in “maar die bureaus beschouwen dat als een ‘contract’.”
Grégory Reichling noch Wim Tindemans werken met die bureaus. Wel via jobbeurzen in de scholen. Maar de vraag is groter dan het aanbod. Vandaag moet je je als bedrijf aan de jongeren ‘verkopen’. Daar moet je vroeg aan beginnen. Reichling sponsort projecten aan hogescholen en universiteiten. Jaarlijks lopen er wel 5 à 10 eindejaarsstudenten stage of maken er hun thesis. “We zetten hen steevast op innovatieve zaken.” Duaal leren -master en alternance- leidt tot aanwerven. Het bedrijf weet welk vlees het in de kuip heeft. Men is ook heel actief op sociale media en ontvangt dagelijks open kandidaturen. Commerciële medewerkers rekruteer je zomaar niet meer aan de schoolpoort. Employer branding – het “verkopen” van je bedrijf aan toekomstige werknemers is een belangrijke evolutie dat we in de toekomst nog meer zullen moeten praktiseren.
Karel Van Hoecke beaamt dat stages en thesissen goed werken. LinkedIn en andere kanalen ook maar hij ziet toch vooral een toevloed van kandidaten via headhunters. Ook bij De Roeve Industries doen er jaarlijks stagiairs ervaring op. Hij begeleidt masterproeven en trekt daarmee ook naar klanten “maar in onze commerciële omgeving moet het vaak sneller dan de student kan.” Het grootste probleem is mensen te vinden op het niveau van werfleider, van voorman. “Die zijn nog moeilijker te vinden dan ingenieurs.” De schrijnende mismatch in de opleidingen wijt Wim Tindemans niet zozeer aan de scholen. “Men moet beseffen dat de opleiding die men vandaag volgt niet geldt voor een hele loopbaan. Mensen ‘heroriënteren’ naar andere sectoren is een probleem en dus een blijvende uitdaging.”
Ontdek de volledige reportage van het rondetafelgesprek in de nieuwste editie van Engineeringnet.