Bedrijven kunnen nu werkzame stoffen in bijlage I bij de Biocidenverordening laten opnemen | Agoria

Bedrijven kunnen nu werkzame stoffen in bijlage I bij de Biocidenverordening laten opnemen

Gepubliceerd op 05/03/14 door Patrick Van den Bossche

De Biocidenverordening ( EU) nr. 528/2012 bepaalt dat actieve stoffen, biociden en behandelde voorwerpen in de EU enkel op de markt mogen worden gebracht als ze aan bepaalde voorwaarden voldoen. Eén van die voorwaarden is dat de actieve stof voor de betrokken toepassing moet goedgekeurd zijn. Dit impliceert dat, rekening houdend met de voorziene overgangsmaatregelen, actieve stoffen in ingevoerde mengsels en behandelde voorwerpen ook eerst de vereiste goedkeuring moeten hebben. Actieve stoffen dienen een goedkeuring te hebben en voor de biociden die ze bevatten is een toelating vereist.

Bijlage 1 van de biocidenverordening is de “Lijst van werkzame stoffen die mogen worden opgenomen in biociden die in aanmerking komen voor de vereenvoudigde toelatingsprocedure”.

Na publicatie van de uitvoeringsverordening ( EU) nr. 88/2014 van de Commissie heeft ECHA een nieuwe procedure uitgewerkt die gebruikmaakt van het register voor biociden (R4BP 3), en die de industrie de mogelijkheid biedt om aanvragen in te dienen tot aanpassing van de huidige lijst van werkzame stoffen opgenomen in bijlage I.

De biocidenverordening definieert de vereisen qua gegevens om de inschrijving van werkzame stoffen in bijlage I mogelijk te maken, en legt de procedures voor de relevante waardering ervan vast. De kandidaten moeten op overtuigende wijze aantonen dat de stof past in de beschrijving van de betreffende klasse waarvoor een toelating wordt aangevraagd en dat er onder experts een sterke consensus is over het feit dat de stof geen aanleiding kan geven tot bezorgdheid.

Raadpleeg voor meer informatie:

De rest is gereserveerd voor Agoria leden