De sociale verkiezingen 2020: een overzicht van de resultaten | Agoria

De sociale verkiezingen 2020: een overzicht van de resultaten

Afbeelding
Gepubliceerd op 23/12/20 door Petra Vindevogel
Ook de sociale verkiezingen 2020 moesten zich aanpassen aan de gevolgen van de COVID-19-pandemie.

Een eerste belangrijke vaststelling is de impact van de coronacrisis op de opkomst van de kiezers.

Uit de cijfers blijkt dat de algemene participatiegraad in vergelijking met 2016 met zo’n 3% daalde. De grootste daling wordt genoteerd bij de jongeren (ongeveer 7%), terwijl de participatie van de kaderleden met ongeveer 4% is gestegen. Gezien de omstandigheden is de algemene daling wellicht beperkter dan mogelijks gedacht. Als we immers kijken naar de cijfers van 2016 (in vergelijking met 2012), werd er zelfs een dalende tendens van ongeveer 6% vastgesteld.

Op basis van de gegevens verwerkt door de XY-tool kunnen we verder volgende vaststellingen doen.

In het PC 111/209 kent het ACLVB met ongeveer 8% van de zetels een lichte stijging van net geen 2% in zowel de OR als het CPBW. Met slechts zeer kleine verschillen ten opzichte van 2016 is de zetelverdeling tussen het ACV en ABVV zo goed als gelijk gebleven. Het ACV behoudt de meerderheid in de beide overlegorganen met meer dan 50% van de zetels met zelfs een kleine stijging binnen het CPBW. Het ABVV zakt in beide organen licht terug tot net onder de 40% van het aantal zetels.

Er is wel een duidelijk verschil merkbaar tussen enerzijds de arbeiders en de bedienden en tussen anderzijds het noorden en het zuiden van het land. 

Bij de arbeiders behaalt het ACLVB een kleine 8% van de zetels. Het ACV blijft net onder de 50% en het ABVV haalt ongeveer 45% van de zetels binnen. Daarbij scoort het ACLVB duidelijk beter in Vlaanderen en Brabant, terwijl het ACV de grootste blijft in Vlaanderen en het ABVV veruit de grootste blijft in Wallonië.

Bij de bedienden behaalt het ACLVB iets meer dan 8% (geen stijging in vergelijking met 2016) terwijl het verschil tussen het ACV met meer dan 55% van de zetels en het ABVV met iets meer dan 30% veel groter is dan bij de arbeiders. De resultaten van ACV en ABVV liggen in het noorden en het zuiden van het land ook veel verder uiteen dan bij de arbeiders.

De kaderleden worden nog steeds voor meer dan 50% vertegenwoordigd door het ACV. Het NCK (1,46%)  is licht gestegen terwijl de huislijsten (1,13%) zijn gedaald (zetelverdeling OR PC 111/209).

Volgens de globale cijfers in het PC 200 (nationaal) behoudt het ACV nog steeds de meerderheid (ongeveer 52%) maar kende wel een lichte daling binnen de OR in vergelijking met 2016. Het ACLVB houdt stand met iets meer dan 16% van de zetels terwijl het ABVV licht stijgt naar ongeveer 29%. Het NCK kent een lichte daling ten gunste van de huislijsten.

Meer gedetailleerde informatie vindt u in bijlage. 

Afbeelding

Was dit artikel nuttig?