Deze week keurde de Europese Raad een pakket nieuwe energiewetgeving goed dat kadert binnen het Clean energy package, o.m. de herziening van de Europese energie-efficiŽntierichtlijn om tegen 32,5% minder energie te verbruiken. Wij geven alvast een overzicht van de belangrijkste aankomende wijzigingen die deze richtlijn tot gevolg heeft.


Belangrijkste artikels

De herziening van de Europese energie-efficiŽntie richtlijn (EED) maakt deel uit van het in november 2016 gelanceerde clean energy package van de Europese commissie. Het gaat om een beleidskader waarmee Europa de energietransitie wil faciliteren en tegelijk ook de gemaakte afspraken in het Klimaatakkoord van Parijs na te komen.

Eerder berichtten we al over een andere richtlijn die deel uitmaakt van dit pakket, nl. de Europese richtlijn energieprestatie gebouwen (EPBD).

De energie-efficiŽntie richtlijn van 2012†was een richtlijn die ineens een breed aantal thema's aansneed met een grote impact op het energiebeleid van de lidstaten. Van verplichte energie-audits voor grote ondernemingen, het opleggen van bindende jaarlijkse energiebesparingen tot efficiŽnt openbaar aanbesteden en het bevorderen van de uitrol van slimme meters. Met de huidige herziening worden een aantal van deze bepalingen verder uitgewerkt voor de periode na 2020:

  • Art. 3: lidstaten moeten een indicatieve energiebesparingsbijdragen opmaken om tot de bindende Europese energiebesparingsdoelstelling van 32,5% (t.o.v. een Business-as-usual-scenario) te komen. Dit komt neer op een finaal energieverbruik in de EU van niet meer dan 956 mtoe in 2030.

  • Art. 7: bindende jaarlijkse nationale energiebesparing van het finaal energiegebruik van 1 januari 2021 tot 31 December 2030 van 0,8% (ten opzichte van 1,5% voor de periode 2014-2020).

  • Art. 9a en 9b: naast elektriciteit en gas, moeten lidstaten ook zorgen dat voor warm water en eventuele warmte- en koudenetten, eindklanten kunnen beschikken over individuele meters die hun werkelijk energieverbruik meten, ook voor Multi-appartementsgebouwen. Vanaf 22 maanden na de inwerkingtreding van de richtlijn moeten deze nieuwe meters ook verplicht vanop afstand uitleesbaar zijn.

  • Annex 4: de standaard primaire energiefactor voor elektriciteit wordt verlaagd van 2,5 naar 2,1 en wordt vierjaarlijks door de Commissie gereviseerd. Lidstaten mogen ook een andere factor gebruiken op voorwaarde dat ze dit kunnen rechtvaardigen op basis van hun energiemix en na aanmelding bij de Europese Commissie. Deze wijziging was een belangrijk actiepunt van Agoria.

Artikel 7 als mogelijks belangrijkste discussiepunt?

Een land heeft de mogelijkheid om de jaarlijkse besparingsdoelstelling te halen via een verplichtingsysteem waarbij energieleveranciers (elektriciteit, gas, olieproducten) een vermindering van 0,8% van hun jaarlijkse verkoop realiseren bij hun eindklanten, maar kan ook kiezen voor een systeem van alternatieve maatregelen. BelgiŽ heeft gekozen voor dit laatste omdat energie-efficiŽntie beleid voornamelijk een regionale aangelegenheid is.

De alternatieve maatregelen maken vierjaarlijks deel uit van een nationaal energie-efficiŽntie actieplan (NEEAP), dat in BelgiŽ een bundeling is van de drie gewestelijke plannen. De keuze voor de optie alternatieve maatregelen houdt echter enkele strenge boekhoudkundige voorwaarden in. Zo mag slechts gedeeltelijk rekening gehouden worden met de energiebesparingen gerealiseerd door de industrie onder het Europese emissiehandelssysteem en moeten de maatregelen verder gaan dan deze die al in Europese wetgeving vervat zitten. Dat betekent dat de meeste besparingen door regelgeving rond energieprestatie in gebouwen (EPB bij nieuwbouw), ecodesign en energy labelling (o.a. energieprestatie van nieuwe lampen of verwarmings, ventilatie, aircotoestellen) niet meegerekend kan worden. De alternatieve maatregelen van het Vlaams gewest beperken zich hierdoor tot de energiebesparing gerealiseerd door de industrie onder de energiebeleidsovereenkomsten, de REG-premies van de netbeheerders en de slimme kilometerheffing

Lees ook het artikel: Energie-efficiŽntie: industrie redt de meubelen.††

En nu? Focus op halen doelstelling door ambitieuze nieuwe maatregelen

Energiebesparing is de eerste stap om CO2 te besparen en daarom terecht de absolute prioriteit van Europa in het clean energy package. Ondanks dat de berekeningsmethode van de Europese energie-efficiŽntierichtlijn complex is en tot bizarre plannen kan leiden, is de opgelegde jaarlijkse energiebesparing ook voor BelgiŽ perfect haalbaar mits het nemen van ambitieuze bijkomende maatregelen.

Agoria vraagt dan ook aan de Belgische beleidsmakers om zo snel mogelijk werk te maken van de omzetting en het halen van de doelstellingen van deze nieuwe energie-efficiŽntierichtlijn, en denkt hierbij onder meer aan een verregaand renovatiebeleid, bv. door het invoeren van een verplichting bij natuurlijke renovatiemomenten, en fiscale maatregelen zoals een groene taks shift waarbij fossiele brandstoffen zwaarder belast worden ten opzichte van elektriciteit om duurzamere verwarmings-en vervoerstechnologieŽn te promoten.†