In Duitsland liepen de sectorakkoorden voor de metaal- en elektrosector einde 2017 af. De akkoorden worden er per deelstaat onderhandeld, maar traditiegetrouw zijn die van deelstaat tot deelstaat erg gelijklopend. Wat werd afgesproken?


Dinsdagmorgen 6 februari jl. werd een akkoord gesloten voor Baden-Württemberg. Dit wordt als een pilootakkoord beschouwd voor de andere deelstaten. 

De nieuwe cao  heeft een looptijd van 1 januari 2018 tot 31 maart 2020

De belangrijkste punten in het akkoord betreffen de loonstijgingen en de invoering van flexibele arbeidstijdregelingen

Lonen 

Werknemers krijgen extra loon in vier onderdelen:

  • In maart 2018 krijgt iedere werknemer een éénmalige premie van 100 euro (die compenseert het feit dat de loonsopslag (zie hierna) pas op 1 april ingaat.
  • Op 1 april 2018 is er een loonopslag van 4,3%.
  • Vanaf 2019 krijgen alle werknemers een extra vergoeding van ongeveer een kwart van hun maandloon (27,54%), betaald in de maand juli (“T-ZUG 1”).
  • Ten slotte is er een vierde loonelement van 400 euro dat eveneens vanaf 2019 jaarlijks betaald zal worden aan alle werknemers (“T-ZUG 2”). Dit gedeelte kan evenwel op bedrijfsniveau aangepast of geannuleerd worden in geval van verslechterde economische omstandigheden. 

Arbeidstijdregelingen 

Bedrijven en werknemers kunnen in dit systeem de wekelijkse arbeidsduur uitbreiden of beperken. 

  • Uitbreiden

Het huidige systeem waarbij men met 13 tot 18% van het personeelsbestand een individuele 40-uren week kan afspreken, kan blijven bestaan. Dit is ten opzichte van de normale arbeidsduur die op weekbasis 35 uur bedraagt.

Daarnaast krijgen bedrijven nu de mogelijkheid om dit toe te passen op een hoger percentage van het personeelsbestand, namelijk tot 30 of 50% indien er een tekort is aan geschoolde arbeidskrachten of wanneer minstens de helft van de werknemers in de hogere loonklassen zit. Er kan ook overgegaan worden tot het invoeren van een collectief arbeidsduurvolume op bedrijfsniveau, waarin het bedrijf zelf een bepaald percentage werknemers aan 40 uur laat werken, zolang de gemiddelde arbeidsduur in het bedrijf niet boven de 35,9 uur uitkomt. 

  • Beperken

Werknemers die een contractuele arbeidsduur tussen 28 en 35 uur per week hebben, kunnen gedurende een beperkte periode minder uren gaan werken. Ze kunnen dit doen gedurende 6 tot 24 maanden. Deze mogelijkheid wordt beperkt tot 10% van het personeelsbestand. De planning van de arbeidstijd moet gebeuren in overeenstemming met de werkgever. 

Ten slotte bestaat ook de mogelijkheid om de extra vergoeding T-ZUG 1 te vervangen door extra betaalde vakantiedagen en dit voor specifieke werknemerscategorieën, zijnde werknemers met jonge kinderen, of die zorg dragen voor een hulpbehoevend gezinslid, of werknemers boven een bepaalde leeftijd of anciënniteit die in nachtploegen werken.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de "first points of contact" in uw regio:

  • Antwerpen-Limburg
  • Brussel - Brabant
  • Oost- en West-Vlaanderen