Op 3 en 4 mei vond in Barcelona het World Manufacturing Forum 2016 plaats. Het thema van de conferentie was “Digitale transformatie - sturen van innovatie, nieuwe businesskansen en concurrentievermogen”. In dit tweedelige artikel vatten we de hoogtepunten voor u samen. We beginnen met een algemeen overzicht van gedigitaliseerde productieprocessen, gevolgd door enkele belangrijke boodschappen over digitale samenwerking en digitale engineering. Ten slotte geven we nog een regionale, nationale en Europese visie op bestaande en nieuwe hulpinitiatieven.

  • 1. Gedigitaliseerde productieprocessen

Digitale technologieën zullen de komende jaren een fundamentele impact uitoefenen op de productie. Concepten en programma's als 'Digital Factory' of 'Industry 4.0' beschrijven de digitale (r)evoluties voor productiesystemen. Voorbeelden zijn de horizontale integratie van processen tussen leveranciers en klanten, de verticale integratie van data van de productievloer tot de hoogste besluitvormingsniveaus en vice versa, de simulatie van producten en processen door de hele levenscyclus en de grootschalige toepassing van sensorgebaseerde technieken (Cyber-Physical Systems) in de productie.

Volgens Norbert Gaus, Executive Vice President, Head of Research and Technology Center bij Siemens, concentreerden de meeste maakbedrijven zich de afgelopen jaren nog op efficiëntie en productiviteit. Voor de ondernemingen die 'Industry 4.0' gebruiken zijn schaaleconomieën en lage loonkosten echter al niet meer de grootste concurrentiekrachten. Tegenwoordig richten de meest succesvolle bedrijven zich op flexibiliteit en een kortere marktintroductietijd, en deze trend zal ALLES beïnvloeden. Binnen Siemens ligt de nadruk op de volgende trends:

  • Alles wat we produceren is geconnecteerd en functioneert autonoom
  • “Alles heeft een digitale tweeling” (dit betekent dat er in elk stadium van de productie een digitale kopie van het fysieke voorwerp wordt gemaakt)
  • Data-analyse: data kennen en gebruiken om fouten te voorkomen, stromen te optimaliseren,…

Veel van deze bedrijven gaan steeds meer terug naar een lokale productie, met de nadruk op automatisering en vakmanschap. Dit past goed bij een trend die we ook steeds vaker zien in Vlaanderen: een cruciale kracht van de Vlaamse maakindustrie is de combinatie van een slimme robotisering en de grondige handelingen en innovatiekennis van mensen.

"Digitale technologieën moeten ten dienste staan van de FLEXIBILITEIT" (Guillaume Vendroux, CEO, DELMIA - Dassault Systèmes, Frankrijk)


Ontdek de link met de volgende 'Made Different'-transformaties:

     

  

  • 2. Digitale engineering & samenwerking

Om een snelle reactie en aanpassing van de waardeketen op veranderende markten en/of technologieën mogelijk te maken, krijgen de 'Factories of the Future' een digitale cloudverbinding met hun leveranciers, klanten en zelfs eindgebruikers. Deze ‘digitale intimiteit’ zal gebaseerd moeten worden op volledig vertrouwen tussen de partners in een open innovatiecontext, waardoor een echt productie-ecosysteem wordt gecreëerd.

Volgens Tanja Rueckert, Executive Vice President van SAP, draait een geconnecteerde productie rond de uitwisseling van gegevens voorbij het eigen niveau en/of de onderneming. SAP is ervan overtuigd dat algoritmen strategische activa zijn voor elk maakbedrijf, en dat zij daarom beheerd moeten worden op het niveau van de bedrijfsstrategie. Machines worden almaar autonomere systemen die hun eigen specifieke set gegevens gebruiken en voortbrengen, en die met de buitenwereld communiceren via IdD-applicaties. Dat betekent dat geen enkele speler alle voordelen van 'Industry 4.0' alleen kan realiseren. Daarom moeten sterke en efficiënte innovatie-ecosystemen en -netwerken in het leven worden geroepen.

Tanja Rueckert benadrukte verder dat op het niveau van een individuele fabriek, alle belangrijke productiegegevens toegankelijk moeten zijn voor de klanten, ICT-partners, leveranciers, werknemers,… om erop toe te zien dat  “iedereen op hetzelfde moment en op verschillende plaatsen over dezelfde info beschikt”. Het gevolg zijn enorme efficiëntievoordelen en mogelijkheden voor kostenbeperking.

"De sleutel voor een gedigitaliseerde KMO-productie is samenwerking" (Stefano Firpo, Directeur Industrieel beleid, concurrentievermogen en KMO's, Italiaans ministerie van economische ontwikkeling)


Ontdek de link met de volgende 'Made Different'-transformaties:

       


Bosch koppelde intussen >5000 machines in 11 fabrieken, waardoor zijn installaties wereldwijd gebenchmarkt konden worden en de productiviteit met 25% verhoogd werd. Volgens Rainer Kallenbach, voorzitter van de raad van bestuur van Bosch Software Innovations GmbH, vertoont een geconnecteerde productie 7 kenmerken:

  1. Mensen zijn het belangrijkst
  2. Verdeelde intelligentie
  3. Snelle integratie & flexibele configuratie
  4. Normen die iedereen kan gebruiken
  5. Virtuele vertegenwoordiging van alle processen in real time
  6. Digitaal beheer van de projectcyclus
  7. Veilig netwerk van waardeschepping

Digitale engineering of end-to-end engineering - zoals wij het binnen het Belgische actieplan 'Made Different' noemen -  draait helemaal om het bouwen van virtuele werelden. Producten, productietools en processen worden digitaal gekoppeld via slimme simulatietools. Bovendien wordt steeds meer van deze simulatie-informatie in de hele waardeketen gekoppeld aan de fysieke reële wereld en aan de diensten van leveranciers, klanten en eindgebruikers. De belangrijkste voordelen van end-to-end engineering zijn 'First time right', een doorlopende optimalisering van de bewerkingsprocessen en efficiëntie tot en met de eerste productiebatch.

Max Blanchet, Senior Partner Automotive Industry, Process and Materials van Roland Berger besprak enkele details van de voordelen die 'Industry 4.0' had opgeleverd voor een grote Europese toeleverancier van de auto-industrie. Op basis van dit specifieke geval en het uitgebreide ondersteunende onderzoek komt de hoogste bijdrage aan de winststijging van de volgende applicatieresultaten van 'Industry 4.0':

  1. Verbeterde procesbetrouwbaarheid, snelle lijnwijzigingen en kleinere (werk in uitvoering) voorraden (11%)
  2. Globale verbeteringen in efficiëntie (7%)
  3. Beperkte starttijd (4%)
  4. Verhoogde beschikbaarheid van activa, dankzij met name de toepassing van predictief onderhoud (3%)

  • 3. Regionale, nationale en Europese hulpinitiatieven

Max Lemke, hoofd van de eenheid "Complex Systems and Advanced Computing" van DG CONNECT (Europese Commissie) sprak over de uitdagingen voor de Europese industrie. Hij zette de belangrijkste punten van het digitale actieplan van commissaris Oettinger voor de industrie uiteen. Allereerst moet de Commissie alle nationale initiatieven inzake digitale productie coördineren door “hen aan elkaar te lijmen” en slimme (demo)netwerken op te zetten. Het uiteindelijke doel moet zijn dat elk bedrijf toegang krijgt tot digitale technologieën en expertise. Daarom zal de Commissie vooral veel financiering uittrekken voor die initiatieven die voortbouwen op lopende projecten als I4MS, ACTPhast,… Om te beginnen heeft de Commissie 500 miljoen EUR vrijgemaakt. Ten tweede zal de Commissie erop toezien dat de juiste platformen worden gebouwd. Hiertoe wordt de nadruk gelegd op de totstandbrenging van referentiële IdD- en communicatiearchitecturen. En last but not least zal het eigendomsrecht en het gebruik van via IdD gegenereerde data worden besproken, om de zorgen van met name de KMO's op dit punt weg te nemen.

Benjamin Gallezot, Adjunct-directeur-generaal van het Directoraat-generaal Ondernemingen (DGE) op het Franse Ministerie van Economie, Industrie en Digitale Zaken sprak eerst over het programma 'Usines du Futur', dat in 2012 van start ging. Intussen is dat programma al omgedoopt tot het productieprogramma “Industrie du Futur”. Het wordt  verzorgd door een samenwerkingsverband van brancheorganisaties, en heeft ten doel de hele meerwaardeketen (incl. bedrijfsmodellen!) uit te breiden en te versnellen, rekening houdend met de convergentie van productie en diensten.

Het productieprogramma “Industrie du Futur” legt zich toe op 5 belangrijke uitdagingen

  • markten: overgang van massaproductie naar 'massamaatwerk”
  • technologieën: virtuele beheerde en geconnecteerde fabrieken
  • organisatie: flexibiliteit & uitmuntende productie
  • milieu: schonere, geruislozere en compactere fabrieken
  • samenleving: rol van mensen in de fabriek en positie van fabrieken in de samenleving

De belangrijke aandachtspunten van de Franse productbenadering kunnen als volgt worden samengevat:

  • Technologische ontwikkeling, met speciale aandacht voor de intelligente combinatie van huidige, reeds bestaande digitale technologieën
  • Regionale afstemming van nationale plannen (incl. financieringsoplossingen)
  • Internationale samenwerking (intussen zijn al samenwerkingsakkoorden opgezet met Duitsland en de VS)
  • De totstandbrenging van meervoudig bruikbare pilootprojecten overal in het land
  • Ondersteuning van KMO's bij de digitalisering van hun processen, inclusief financiële steun
  • Vaardigheden en human resources voor het digitale tijdperk

 "We weten op dit ogenblik nog niet hoe de toekomstige gedigitaliseerde banen zullen heten" (Stefano Firpo, Directeur Industrieel beleid, concurrentievermogen en KMO's, Italiaans ministerie van economische ontwikkeling)


Ontdek de link met de volgende 'Made Different'-transformaties:

 

 

De presentaties van het World Manufacturing Forum 2016 vindt u hier: http://www.worldmanufacturingforum.org/#!presentations/qdptl

Indien u zich wilt aansluiten bij het nieuwe Agoria/Sirris Digitising Manufacturing-netwerk, dat de onderwerpen uit dit artikel bespreekt met andere Belgische maakbedrijven en dat ondersteund wordt door een aantal ICT-verstrekkers, neem dan contact op met Paul Peeters (0473/757540 paul.peeters@agoria.be)