Dat België geassocieerd wordt met chocolade en bier in plaats van met toptechnologie blijft een ongemakkelijke waarheid. Welke oplossingen ziet Agoria-expert Frederik Tibau?


Deze blog verscheen ook in Trends.

Na een gesmaakte pitchsessie van een tiental Belgische scale-ups in Singapore nam de Aziatische topman van het bekende investeringsfonds Eight Roads Ventures me even apart. “Had ik geweten dat er zo’n knappe bedrijven kwamen pitchen had ik mijn hele team gestuurd”, klonk het.  

Dergelijke reacties zijn eerder regel dan uitzondering wanneer je met Belgische technologiebedrijven op de hort gaat. Enkele weken geleden nog werden liefst vier van onze startups tot winnaar uitgeroepen op een wedstrijd van de Verenigde Naties waar ze moesten opboksen tegen honderden concurrenten uit 182 landen. Geen enkel ander land deed beter. 

Maar onze bedrijven mogen dan top zijn, we staan met België nauwelijks op de kaart als tech hub, ondanks gunstige factoren zoals een centrale ligging, het feit dat onze steden goedkoop zijn om in te leven en de sterke innovatie-ecosystemen rond onze universiteiten en onderzoeksinstellingen.  

Dat België geassocieerd wordt met chocolade en bier in plaats van met toptechnologie blijft een ongemakkelijke waarheid. We weten intussen ook waar het schoentje knelt: drie gewesten met hun eigen dynamiek zorgen voor een gefragmenteerd technologielandschap en voor een verwaterde positionering.  

Tel daarbij de hoge loonkosten, de weinig transparante fiscaliteit en het ontbreken van een lange termijnvisie, en het is duidelijk waar we tekort schieten. Een gevolg is dat (internationaal) toptalent België links laat liggen. Dat zou ons moeten verontrusten, want het kunnen aantrekken en aan boord houden van talent is noodzakelijk om onze digitale parels naar een hoger niveau te tillen en te doen uitgroeien tot wereldspelers.  

In heel Europa wordt er gezocht naar manieren om tech talent te kunnen strikken. Dat de Europese scene een momentum beleeft en dat er meer durfkapitaal dan ooit naar het continent vloeit, is daar niet vreemd aan.  

De lijst met kleinere landen die zich wél op de kaart zetten, wordt ook langer. Het verhaal van Portugal is gekend, maar enkele dagen geleden was het de beurt aan Letland, dat door de gerenommeerde durfkapitalist Index Ventures werd uitgeroepen tot meest ‘startup vriendelijke’ natie ter wereld.     

In vergelijking met België heeft Letland een beperkte techscene, maar de introductie van een fiscaal gunstige regeling rond aandelenopties (waarbij de opties ook sneller ten gelde kunnen worden gemaakt), volstond om alle schijnwerpers te richten op Riga.  

Naast doorgedreven marketinginspanningen zijn weldoordachte aanpassingen in de fiscale regelgeving krachtige tools om een land te positioneren als een interessante biotoop voor tech startups. Het is belangrijk dat onze beleidsmakers dat in het achterhoofd houden. In de lijst van Index Ventures over de aandelenopties staat België op een schamele 24ste plaats. Er is dus nog ruimte voor verbetering.   

Belgen hebben ook hopen geld op hun spaarboekje staan, geld dat niets opbrengt. Een betere manier vinden om dat kapitaal in de economie pompen lijkt een must, de taxshelter voor investeringen in startups was een druppel op een hete plaat. Misschien kan de wet Cooreman-De Clercq tot inspiratie dienen. Die wet zorgde er in de jaren 80 voor dat de Belg zich ontpopte van spaarder tot investeerder.   

En waarom zouden opbrengsten uit succesvolle investeringen niet wat minder (of niet) belast kunnen worden als ze terug naar het ecosysteem vloeien? Of is het geen optie om kortingen toe te kennen op de loonkosten voor startups die met innoverende projecten bezig zijn?  

De oefening om België aantrekkelijker te maken en beter te positioneren rond belangrijke domeinen zoals biotech, digitale gezondheidzorg en slimme logistiek wordt intussen wel gemaakt door de regio’s. De hamvraag is of we ambitieus genoeg zijn om ons te kunnen onderscheiden. Zit er een duidelijke visie achter de initiatieven? En laten we geen kansen liggen?  

Waar blijft de campagne om te tonen dat België de wereld geneest van corona? Ons land speelt een sleutelrol in de ontwikkeling en de productie van de COVID-vaccins, en aan het hoofd van het Amerikaanse Warp Speed-programma staat een Belg die hier de kneepjes van het vak leerde. Waar wachten we nog op om daar mee uit te pakken? België geneest de wereld. Dat zou de mindset moeten zijn.